NL | ENG
icon_rss RSS

Planet

Aandacht voor milieu en klimaat. De effecten van het ondernemen op het natuurlijke leefmilieu.




  • Als doelstelling is gesteld dat alle productiegerelateerde TKH-bedrijven vanaf 2011 het milieuzorgsysteem ISO 14001 geïmplementeerd dienen te hebben en hiervoor gecertificeerd moeten zijn. Met trots kunnen wij melden dat nu al aan deze doelstelling is voldaan. Naast dat de productiegerelateerde bedrijven in 2010 het ISO 14001-certificaat hebben behaald, hebben ook enkele niet-productiegerelateerde bedrijven binnen de TKH-groep dit certificeringstraject in het verslagjaar succesvol doorlopen. Middels deze certificering is bereikt dat TKH-bedrijven en hun medewerkers bekend zijn met een milieubeleid. De volgende stap is dat onze bedrijven en hun medewerkers ideeën over verbetering van het milieu aandragen en dat men bewust is wat voor invloed hun werkzaamheden heeft op het milieu. De uitdaging is om de organisatie op een dusdanige wijze in te richten dat de werkzaamheden het milieu zo min mogelijk belasten. Voorbeelden die al worden toegepast bij TKH op milieugebied zijn:
    • Vermindering van toepassing van gevaarlijke stoffen in het productieproces. Zo is als doel gesteld om het ethanolverbruik bij de productie van glasvezel met 20% te reduceren.
    • Reductie van het waterverbruik in het productieproces.
    • Koudwaterkranen voorzien van perlators: een mondstuk voor kranen dat ervoor zorgt dat er minder water per tijdseenheid wordt gebruikt.
    • Via het ‘operational excellence’-programma heeft TKH voortdurend aandacht voor reductie van afval en uitval. Het ‘Theory of Constraints’-programma is gericht op efficiency in de productie-capaciteit. Dit heeft effect op onder meer energieverbruik en uitval. Het Six Sigmakwaliteitsprogramma leidt tot reductie van afval.
    • Bij TKH-werkmaatschappij VMI Holland BV in Epe wordt via het ‘Lean200’-programma tal van verbeteringsprojecten uitgevoerd. De projecten onder dit programma moeten bijdragen aan een blijvende verandering en moeten binnen 3 tot 4 maanden succesvol kunnen worden afgesloten. De medewerkers initiëren zelf de ideeën en spelen vervolgens een actieve rol bij het uitvoeren hiervan. Dit leidt niet alleen tot een enorme verbeterslag in de operatie maar leidt ook tot bewustwording rondom het thema duurzaamheid.
  • Voor alle TKH-bedrijven is een energiereductieprogramma opgestart. Tot doel is gesteld om in 2015 25% energiebesparing op het verbruik te realiseren, waarbij 2008 als referentiejaar is gesteld. Naast het feit dat energiebesparing de klimaatverandering zal doen keren, zal door de invoering van het programma een besparing worden gerealiseerd op de gas- en elektriciteitsrekening. In 2010 is inzage verkregen in het energieverbruik binnen de totale groep over de jaren 2008 en 2009. Dit heeft ertoe geleid dat een aantal maatregelen reeds genomen zijn om tot een verdere reductie van het energieverbruik te kunnen komen:
    • Enkele werkmaatschappijen hebben verouderde verwarmingsinstallaties vervangen.
    • In de Scandinavische landen worden de olie- en gasverwarmingsinstallaties vervangen door milieuvriendelijke installaties.
    • Tijdens het integratieprogramma van productielocaties zijn tevens aanpassingen doorgevoerd die leiden tot energiereductie zoals vervanging van verlichtingsystemen en extra isolatie van de gebouwen.
    • Extra meters zijn geplaatst om het energieverbruik sneller en beter te kunnen meten om zodoende ook alerter in te kunnen spelen op de situatie.
    • Onze focus tot energiereductie ligt eveneens op gedrag bij onze medewerkers. Bewustwording blijft een belangrijk aandachtspunt. Het communiceren over milieubesparende tips zal hiertoe bijdragen.
  • Via inzage in het energieverbruik binnen de totale groep is eveneens inzage verkregen in de CO2-footprint, zijnde de totale hoeveelheid CO2-emissie per jaar. TKH wil die CO2-emissie nog verder verlagen. Doelstelling is een reductie met 25% in 2015 waarbij ook hier 2008 geldt als referentiejaar. Deze doelstelling kan worden gerealiseerd via het reduceren van het energieverbruik in gebouwen, met de productieprocessen en via het transport. Daarnaast zullen investeringen in nieuwe toepassingen van duurzame concepten en technieken verder onderzocht worden, waaronder isolerende maatregelen, nieuwe verlichtingssystemen en energiezuinige verwarmings- en aircosystemen.
  • Om de reductie van CO2-emissie kracht bij te zetten, is in 2010 gestart met de invoering van het instrument CO2-prestatieladder. Dit door ProRail ontwikkelde instrument leidt ertoe dat inzage verkregen wordt in de eigen CO2-productie om uiteindelijk deze te verminderen. In november 2010 is het certificeringstraject hiervoor succesvol afgerond voor niveau 2. Het doel is om in 2012 niveau 3-gecertificeerd te zijn. Hiervoor is een programma uitgewerkt waarmee de CO2-footprint in kaart is gebracht. Via dit programma is het mogelijk om effectieve maatregelen te nemen om de CO2-emissie te reduceren.
  • ‘Vergroening’ van het wagenpark zal tevens bijdragen tot een reductie van CO2-uitstoot. De doelstelling is om vanaf 2011 het nieuw aan te schaffen wagenpark te laten bestaan uit de in Nederland gebruikelijke A-, B- of C-label gerelateerd CO2-normen. Vanaf 2012 zal de gemiddelde CO2-emmissie van nieuw aan te schaffen leaseauto’s maximaal 135 gram/km mogen bedragen. In 2020 moet dit volgens Europese richtlijnen teruggebracht zijn naar 95 gram/km. De gemiddelde CO2-emmissie per gram/km van het bestaande Nederlandse leasewagenpark van TKH in 2010 bedroeg 155 gram/km. Daarnaast worden medewerkers gewezen op brandstofbesparingsmaatregelen.
  • TKH heeft in de landen waar zij gevestigd is geïnvesteerd in een video conferencing-systeem. Door in toenemende mate gebruik te maken van dit systeem zijn reis- en brandstofkosten bespaard in 2010. Tevens is managementtijd efficiënter benut.
  • Tevens is als doel gesteld om in 2015 een besparing te realiseren van 30% op het verbruik van papier en drukwerk waarbij wederom 2008 geldt als referentiejaar. Hiermee wordt eveneens CO2-reductie beoogd door printers efficiënter in te zetten en oude printers te vervangen door energiezuinige printsystemen. Daarnaast wordt onderzocht welke communicatiemogelijkheden er zijn naast de bestaande gedrukte media zoals het stimuleren van het digitaal versturen van correspondentie.